Home
Bert Voeten
door FS / Johan Polak & Frans Goddijn
"Ik lees Bert Voeten 's ochtends vroeg", schrijft Freek, "wanneer ik
geen zin heb om op te staan, als ik geen plezier meer heb in mijn ooit
begeerde baan 'in een internationale omgeving' maar gewoon in bed wil
blijven. Nooit meer een pak met een das aan! Mijn rijbewijs verscheuren,
het telefoonsnoer doorknippen en weer heerlijk arm worden! Dan lees ik
in Voeten: 'Ik voel mijn geest dicht onder mijn huid bewegen, goedlachs
en niet zonder moed'. En met nieuwe moed stap ik dan toch maar het bed
uit, en ik neem een hete douche. Mijn vrouw heeft geen Voeten nodig. Zij
is gelijkmatiger en stabieler van temperament of, hoe zal ik het zeggen,
haar conjunctuur-golven zijn langer gerekt. Zij kan weken lang monter
zijn (ze beaamt het terwijl ik dit schrijf), maar ook dagen achtereen
onstuitbaar somber; dan helpt een enkel gedicht niet meer. Dit laatste
bestrijdt ze, en ik onttrek me aan haar verdere kritiek door de portable
computer naar mijn werkkamer te slepen. Ken je die kamer eigenlijk? Het
is de heerlijkste. Ik zit er omringd door boeken, computers, wat
familieherinneringen en nog meer prettige ongeregelde zaken. De kamer is
voorzien van dubbel glas en een geluidwerende deur, alles om de
buitenwereld op afstand te houden. De ruimte, waar ik goed zou kunnen
werken, maar die vaker dient als plek om te mijmeren, lijkt los te staan
van mijn flat en weg te zweven, een stil heelal in, terug naar waar ik
gelukkig was met boeken, papieren, gedachten.
Voeten is in staat is de wereld te bekijken met de blik van een kind.
'Het kind bezit de natuurlijke wijsheid: het weet alles', zo citeerde
Bernlef de componist Satie in zijn stuk over Voetens intieme en besloten
poëzie".
Tant de lumières,
Tant de mains et tant de visages,
Tous ces jours parmi ces nuits,
Comme le ciel parmi les ailes
Des oiseaux!
[Paul Eluard]
De hemel zoemt van vreugde.
Zilveren vliegmachines stijgen voorgoed.
Wij ogen ze na tot het azuur hen heeft
verzwolgen - vissen vol mensen reizend door
de grote warme buik van het heelal.
[Bert Voeten]
"Wanneer ik dit lees," zo schrijft Freek verder, "bestaat er voor een
ogenblik geen business class, geen Lockerbie, geen ozonlaag. Naïef
misschien? Lezend in Voeten denk ik vaak terug aan mijn
onderwijzeressen, de juffies van de Nutsschool te W. Mijn lagere
schooltijd kende geen meesters. Er heerste een pedagogisch matriarchaat,
een heel zachte omgeving. Sommige ouders maakten zich daar zorgen over,
zoveel ving ik wel op bij vriendjes. Met name van de jongetjes werd
gevreesd dat zij niet 'mannelijk' genoeg zouden opgroeien tussen louter
dames. Vechten op het schoolplein, daar hield het schoolhoofd Juffie van
Alphen niet zo van. Een aardige kleine wereld, waar ik niet 'weerbaar'
werd, maar waar ik wel Nederlands heb leren schrijven. Een wereld
waaruit alle boosaardigheid leek geweerd, de wereld van Bert Voeten".